Kwat

Laatst bijgewerkt: 23-02-2026


Definitie

Kwaternaire ammoniumverbindingen (kwats) zijn kationogene biocide stoffen die in de bouwsector worden toegepast voor het reinigen en preventief conserveren van materialen tegen algen, mossen en schimmels.

Omschrijving

In de dagelijkse bouwpraktijk zijn kwats onmisbaar voor het chemisch reinigen en conserveren van diverse oppervlakken. Deze verbindingen werken als een moleculair breekijzer op de celwanden van ongewenste organismen. Het effect is tweeledig. Directe doding van aanwezige vervuiling vindt plaats, maar de stoffen hechten zich ook aan de ondergrond voor een langdurige bescherming. Je ziet dit vaak bij de behandeling van rieten daken. Zonder deze preventieve maatregel vreten algen het riet langzaam op door vochtretentie. De stof ruikt zeepachtig en schuimt bij menging met water. Het is een chemisch gereedschap. Gebruik het met verstand. De actieve componenten beschadigen de celstructuur van micro-organismen onherstelbaar.

Toepassingsmethode en technische uitvoering

De uitvoering start met het aanmaken van een werkoplossing. Kwats worden zelden puur gebruikt. Verdunnen met water is de norm. De vloeistof wordt meestal verneveld onder lage druk. Dit is cruciaal voor een egale dekking. Men gebruikt hiervoor vaak rugspuiten of lagedrukpompen, waarbij een grove druppel de voorkeur geniet boven een fijne nevel om drift naar de omgeving te minimaliseren. De vloeistof moet de poreuze structuur van het materiaal volledig verzadigen. Verzadiging is het sleutelwoord. Een must. Bij verticale vlakken vloeit de vloeistof omlaag, waarbij de capillaire werking van de ondergrond de actieve stoffen naar binnen zuigt.

Het gaat om elektrostatische hechting. De positief geladen moleculen binden zich aan de negatief geladen delen van de ondergrond. Dit proces verloopt passief. Er vindt geen mechanische bewerking zoals borstelen plaats tijdens het inwerken. De actieve componenten nestelen zich diep in de capillaire structuur. Eenmaal opgedroogd, vormen de achtergebleven kristallen een onzichtbare barrière die chemisch actief blijft. Het middel doet zijn werk terwijl het opdroogt.

Bij zware vervuiling gaat er een mechanische reiniging aan vooraf. Eerst het grove vuil weg. Dan de chemische nabehandeling. Op schone oppervlakken is het simpelweg een kwestie van bevochtigen. De vloeistof moet volledig verdampen om de actieve laag te fixeren. Naspoelen? Uitgesloten. Dat zou de actieve laag direct weer verwijderen en de effectiviteit tenietdoen. Het proces is pas voltooid wanneer het transportmiddel volledig is verdampt en de stof is uitgekristalliseerd in de poriën van het materiaal.


Chemische variaties en generaties

Binnen de groep van kwaternaire ammoniumverbindingen maken we onderscheid tussen verschillende generaties. De eerste generatie, met benzalkoniumchloride (BAC) als bekendste exponent, vormt nog steeds de basis voor veel algendoders in de bouw. Het is de klassieker. Betrouwbaar maar soms gevoelig voor hard water. Modernere varianten, zoals de vierde en vijfde generatie, maken gebruik van 'twin chains'. Denk hierbij aan didecyldimethylammoniumchloride (DDAC). Deze stoffen zijn aanzienlijk krachtiger. Ze presteren beter bij lagere concentraties en blijven effectief onder zware omstandigheden waarbij organische vervuiling de werking van oudere types zou remmen.

TypeKenmerkToepassing
BAC (Benzalkoniumchloride)Eerste generatie, breed spectrumGevelreiniging, terrasreiniging
DDACModernere 'twin chain', hogere tolerantieRietconservering, professionele schimmelbestrijding
Polymere kwatsGrote moleculen, minder vluchtigLange termijn fixatie op poreuze materialen

Het onderscheid met anionogene zepen

Een essentieel technisch onderscheid ligt in de elektrische lading. Kwats zijn kationogeen. Positief geladen. Dit is cruciaal voor de hechting aan ondergronden, maar het vormt een risico bij vermenging. De meeste reguliere reinigingsmiddelen en zepen zijn namelijk anionogeen; zij dragen een negatieve lading. Meng je deze twee? Dan volgt een chemische neutralisatie. De actieve stoffen klonteren samen en verliezen elke biocide werking. Het resultaat is een inactieve, vettige emulsie. Gebruik daarom nooit een kwat direct na of samen met een standaard allesreiniger zonder grondig tussen te spoelen. Het is chemische sabotage van je eigen werk. Soms worden kwats ook verward met oxiderende biociden zoals natriumhypochloriet (bleekloog). Waar bleekloog direct agressief inwerkt en snel vervliegt, werkt een kwat juist door fixatie en langdurige aanwezigheid. Totaal andere mechanica.


Praktijksituaties en toepassingen

Onzichtbare bescherming bij gevelreiniging

Een witgestuukte gevel in een bosrijke omgeving. De schilder brengt na het reinigen een nevel van kwaternaire ammoniumverbindingen aan om te voorkomen dat atmosferische vervuiling en algen de verse afwerking binnen één seizoen weer grauw maken. Geen hogedrukspuit nodig. Enkel verzadigen en laten drogen. De positief geladen deeltjes klampen zich vast aan het stucwerk. Een onzichtbaar schild tegen groenverkleuring. Simpel. Doeltreffend.

Onderhoud van rieten daken

Rietgedekte villa's vragen om discipline. Jaarlijkse inspectie is de norm. De rietdekker ziet beginnende algengroei aan de noordzijde, waar de zon zelden komt. Hij gebruikt een rugspuit gevuld met een DDAC-oplossing. De vloeistof trekt diep in de stengels door de capillaire werking. Het resultaat? De algen sterven af en het riet blijft open van structuur, waardoor het sneller droogt na een regenbui. Geen vochtretentie betekent geen vroege rotting. Het verlengt de levensduur van de kap met jaren.

De fatale fout op de bouwplaats

Soms gaat het mis door een gebrek aan chemisch inzicht. Een schoonmaker wil een terras grondig aanpakken en mengt een kwat-oplossing met een flinke scheut reguliere allesreiniger. Directe vlokvorming in de tank. De vloeistof wordt melkachtig en de biocide werking is op slag verdwenen. De negatief geladen zeepmoleculen hebben de positieve kwats geneutraliseerd. Weggegooid geld. Een vette, inactieve emulsie blijft over op de tegels.

Schimmelbeheersing in kruipruimtes

Bij renovatieprojecten in vochtige gebieden kom je vaak hardnekkige schimmelvorming tegen op funderingsbalken. Na het wegnemen van de vochtbron volgt de nabehandeling. Een specialistische aannemer vernevelt een vijfde generatie kwat over de beton- en metselwerkoppervlakken. De penetratie in de poriën doodt de achtergebleven sporen. Het restant kristalliseert uit en vormt een preventieve laag voor het geval de luchtvochtigheid tijdelijk weer stijgt. Chemische fixatie op zijn best.


Wet- en regelgeving voor biocidengebruik

Het gebruik van kwaternaire ammoniumverbindingen is niet vrijblijvend. De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb) vormt het nationale kader. Elk specifiek product moet over een geldige toelating beschikken. In Nederland verleent het Ctgb (College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden) deze autorisatie. Een legaal middel is herkenbaar aan een toelatingsnummer dat eindigt op een 'N'. Zonder dit nummer is de toepassing in de professionele bouw verboden. De regels zijn strikt. Op Europees niveau bepaalt de Biocidenverordening (BPR, EU 528/2012) welke actieve stoffen, zoals DDAC of benzalkoniumchloride, überhaupt op de markt mogen komen. Voor de verwerker op de bouwplaats is het etiket leidend. De tekst op het etiket bevat de Wettelijke Gebruiksvoorschriften (WG). Afwijken van deze voorschriften, zoals een hogere dosering of gebruik op niet-toegestane oppervlakken, is een economisch delict. Handhavingsinstanties zoals de ILT controleren hier scherp op. Daarnaast verplicht de REACH-verordening de leverancier om een actueel Veiligheidsinformatieblad (VIB) te verstrekken. Hierin staan de noodzakelijke persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) voor de vakman beschreven. Denk aan specifieke handschoenen of gelaatsbescherming. Veiligheid is geen suggestie, maar een wettelijke plicht.

Oorsprong en de medische overstap

De kiemdodende kracht van kwaternaire ammoniumverbindingen kwam aan het licht in de vroege twintigste eeuw. Gerhard Domagk publiceerde in 1935 over de werking van benzalkoniumchloride. In eerste instantie diende de chemie puur de medische wereld. Desinfectie van instrumenten en handen was het hoofddoel. De stap naar de bouwsector liet op zich wachten tot de naoorlogse wederopbouwperiode. Men zocht naar efficiënte methoden om nieuwe, poreuze bouwmaterialen te beschermen tegen snelle vervuiling. De kationogene eigenschap bleek een technisch schot in de roos voor minerale ondergronden. Positief geladen moleculen vonden hun weg naar negatief geladen gevelvlakken. Een onzichtbare hechting was geboren.

Technologische evolutie van generaties

Vroege toepassingen in de bouw kampten met een fundamentele zwakte. De eerste generatie kwats was uiterst gevoelig voor hard water en de aanwezigheid van resterende anionogene zepen. De werking sloeg simpelweg dood. In de jaren tachtig volgde een cruciale chemische innovatie. De introductie van de zogenaamde 'twin chain' kwats, zoals didecyldimethylammoniumchloride (DDAC), veranderde de marktpositie van deze middelen aanzienlijk. Deze modernere varianten boden een veel hogere tolerantie voor organische vervuiling. Ze bleven actief waar hun voorgangers faalden. De industrie verschoof hierdoor van simpele reinigingsadditieven naar hoogwaardige, preventieve conserveringsmiddelen voor kritische constructies zoals rieten daken en monumentaal metselwerk.

Van vrije handel naar strikte regulering

Decennialang werden kwats in de bouwsector beschouwd als generieke schoonmaakmiddelen. Men kocht ze bij de groothandel zonder veel omkijken naar specifieke registraties. Deze vrijblijvendheid eindigde met de komst van de Europese Biocidenverordening (BPR). Wat voorheen een simpele vloeistof was, werd juridisch geklasseerd als een biocide met significante milieu-impact. Fabrikanten werden gedwongen tot kostbare en langdurige toelatingstrajecten bij instanties zoals het Ctgb. Dit filterde de markt. Alleen de meest stabiele en effectieve formuleringen bleven beschikbaar voor professioneel gebruik. De transitie van een 'zeepachtig hulpje' naar een streng gecontroleerd chemisch instrumentarium voor gevel- en dakbehoud is hiermee voltooid. De focus verschoof van maximale doding naar minimale belasting met optimaal resultaat.

Vergelijkbare termen

Schoor | Steunbalk | Stut

Gebruikte bronnen: