De uitvoering start met het aanmaken van een werkoplossing. Kwats worden zelden puur gebruikt. Verdunnen met water is de norm. De vloeistof wordt meestal verneveld onder lage druk. Dit is cruciaal voor een egale dekking. Men gebruikt hiervoor vaak rugspuiten of lagedrukpompen, waarbij een grove druppel de voorkeur geniet boven een fijne nevel om drift naar de omgeving te minimaliseren. De vloeistof moet de poreuze structuur van het materiaal volledig verzadigen. Verzadiging is het sleutelwoord. Een must. Bij verticale vlakken vloeit de vloeistof omlaag, waarbij de capillaire werking van de ondergrond de actieve stoffen naar binnen zuigt.
Het gaat om elektrostatische hechting. De positief geladen moleculen binden zich aan de negatief geladen delen van de ondergrond. Dit proces verloopt passief. Er vindt geen mechanische bewerking zoals borstelen plaats tijdens het inwerken. De actieve componenten nestelen zich diep in de capillaire structuur. Eenmaal opgedroogd, vormen de achtergebleven kristallen een onzichtbare barrière die chemisch actief blijft. Het middel doet zijn werk terwijl het opdroogt.
Bij zware vervuiling gaat er een mechanische reiniging aan vooraf. Eerst het grove vuil weg. Dan de chemische nabehandeling. Op schone oppervlakken is het simpelweg een kwestie van bevochtigen. De vloeistof moet volledig verdampen om de actieve laag te fixeren. Naspoelen? Uitgesloten. Dat zou de actieve laag direct weer verwijderen en de effectiviteit tenietdoen. Het proces is pas voltooid wanneer het transportmiddel volledig is verdampt en de stof is uitgekristalliseerd in de poriën van het materiaal.
Binnen de groep van kwaternaire ammoniumverbindingen maken we onderscheid tussen verschillende generaties. De eerste generatie, met benzalkoniumchloride (BAC) als bekendste exponent, vormt nog steeds de basis voor veel algendoders in de bouw. Het is de klassieker. Betrouwbaar maar soms gevoelig voor hard water. Modernere varianten, zoals de vierde en vijfde generatie, maken gebruik van 'twin chains'. Denk hierbij aan didecyldimethylammoniumchloride (DDAC). Deze stoffen zijn aanzienlijk krachtiger. Ze presteren beter bij lagere concentraties en blijven effectief onder zware omstandigheden waarbij organische vervuiling de werking van oudere types zou remmen.
| Type | Kenmerk | Toepassing |
|---|---|---|
| BAC (Benzalkoniumchloride) | Eerste generatie, breed spectrum | Gevelreiniging, terrasreiniging |
| DDAC | Modernere 'twin chain', hogere tolerantie | Rietconservering, professionele schimmelbestrijding |
| Polymere kwats | Grote moleculen, minder vluchtig | Lange termijn fixatie op poreuze materialen |
Een essentieel technisch onderscheid ligt in de elektrische lading. Kwats zijn kationogeen. Positief geladen. Dit is cruciaal voor de hechting aan ondergronden, maar het vormt een risico bij vermenging. De meeste reguliere reinigingsmiddelen en zepen zijn namelijk anionogeen; zij dragen een negatieve lading. Meng je deze twee? Dan volgt een chemische neutralisatie. De actieve stoffen klonteren samen en verliezen elke biocide werking. Het resultaat is een inactieve, vettige emulsie. Gebruik daarom nooit een kwat direct na of samen met een standaard allesreiniger zonder grondig tussen te spoelen. Het is chemische sabotage van je eigen werk. Soms worden kwats ook verward met oxiderende biociden zoals natriumhypochloriet (bleekloog). Waar bleekloog direct agressief inwerkt en snel vervliegt, werkt een kwat juist door fixatie en langdurige aanwezigheid. Totaal andere mechanica.
Een witgestuukte gevel in een bosrijke omgeving. De schilder brengt na het reinigen een nevel van kwaternaire ammoniumverbindingen aan om te voorkomen dat atmosferische vervuiling en algen de verse afwerking binnen één seizoen weer grauw maken. Geen hogedrukspuit nodig. Enkel verzadigen en laten drogen. De positief geladen deeltjes klampen zich vast aan het stucwerk. Een onzichtbaar schild tegen groenverkleuring. Simpel. Doeltreffend.
Rietgedekte villa's vragen om discipline. Jaarlijkse inspectie is de norm. De rietdekker ziet beginnende algengroei aan de noordzijde, waar de zon zelden komt. Hij gebruikt een rugspuit gevuld met een DDAC-oplossing. De vloeistof trekt diep in de stengels door de capillaire werking. Het resultaat? De algen sterven af en het riet blijft open van structuur, waardoor het sneller droogt na een regenbui. Geen vochtretentie betekent geen vroege rotting. Het verlengt de levensduur van de kap met jaren.
Soms gaat het mis door een gebrek aan chemisch inzicht. Een schoonmaker wil een terras grondig aanpakken en mengt een kwat-oplossing met een flinke scheut reguliere allesreiniger. Directe vlokvorming in de tank. De vloeistof wordt melkachtig en de biocide werking is op slag verdwenen. De negatief geladen zeepmoleculen hebben de positieve kwats geneutraliseerd. Weggegooid geld. Een vette, inactieve emulsie blijft over op de tegels.
Bij renovatieprojecten in vochtige gebieden kom je vaak hardnekkige schimmelvorming tegen op funderingsbalken. Na het wegnemen van de vochtbron volgt de nabehandeling. Een specialistische aannemer vernevelt een vijfde generatie kwat over de beton- en metselwerkoppervlakken. De penetratie in de poriën doodt de achtergebleven sporen. Het restant kristalliseert uit en vormt een preventieve laag voor het geval de luchtvochtigheid tijdelijk weer stijgt. Chemische fixatie op zijn best.