Een projectontwikkelaar koopt een groot perceel grasland voor de realisatie van een nieuwe woonwijk. Het Kadaster komt ter plaatse. De landmeter slaat piketpaaltjes en meet de nieuwe grenzen in. Uit één groot perceel ontstaan twintig unieke kadastrale nummers, klaar voor individuele verkoop.
De buurman claimt dat de nieuwe schutting dertig centimeter te ver op zijn terrein staat. Spanning aan de erfgrens. Een landmeter voert een grensreconstructie uit. Hij zoekt in de archieven naar het oorspronkelijke veldwerk en zet de punten opnieuw uit. De meetgegevens uit 1962 blijken onverbiddelijk. De schutting moet worden verplaatst.
Transformatie van een kantoorpand naar luxe lofts. Voor de verkoop is een splitsing in appartementsrechten noodzakelijk. Een gespecialiseerde tekenaar vervaardigt de splitsingstekening die naadloos aansluit bij de werkelijke indeling. Elk appartement krijgt een eigen indexnummer in de Basisregistratie Kadaster. Hypotheekverstrekking is nu pas mogelijk voor de kopers.
Een aannemer start met het graven van een sleuf voor de fundering van een aanbouw. Hij checkt eerst de KLIC-melding op zijn tablet. Een oude hoofdleiding van de gasunie loopt precies langs het werkterrein. Door de informatie uit het Kadaster graaft de machinist met beleid en blijft een rampzalige gaslek uit. Veiligheid door informatievoorziening.
De werking van het Kadaster rust op een stevig wetgevend fundament. Centraal staat de Kadasterwet. Deze wet regelt de inrichting van de openbare registers en de taken van de Dienst van het kadaster en de openbare registers. Zonder dit wettelijke mandaat is er geen rechtszekerheid. Het is de dwingende basis. Het Burgerlijk Wetboek (BW), specifiek Boek 3 en Boek 5, vormt de civielrechtelijke tegenhanger. Hierin is vastgelegd dat voor de overdracht van registergoederen inschrijving in de openbare registers een vereiste is. Geen inschrijving, geen eigendomsoverdracht. Zo simpel is de juridische werkelijkheid.
Naast privaatrechtelijke afspraken zijn er overheidsbesluiten. De Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken (Wkpb) is hierbij leidend. Deze wet verplicht gemeenten en andere overheidsinstanties om beperkingen, zoals een monumentenstatus of een saneringsbevel, te registreren in de Basisregistratie Kadaster. Transparantie is het doel. Voor de bouwprofessional betekent dit dat een eenvoudige eigendomscheck niet volstaat; de Wkpb-registratie is cruciaal voor de haalbaarheid van elk herontwikkelingsproject.
Graven is nooit zonder risico. De Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (WIBON), voorheen de WION, stelt strikte regels voor graafwerkzaamheden. Het Kadaster fungeert onder deze wet als het centrale informatiepunt. Een KLIC-melding is wettelijk verplicht voor elke machinist die mechanisch gaat graven. Geen advies. Een harde eis. Wie de WIBON negeert, riskeert niet alleen enorme schadeclaims bij kabelbreuk, maar ook bestuurlijke boetes. Het Kadaster handhaaft hierbij de informatieketen tussen netbeheerder en grondverzetbedrijf.
Napoleon wilde geld. 1811 markeert het nulpunt voor het Nederlandse Kadaster toen de Franse keizer per decreet de registratie van onroerend goed afdwong om een rechtvaardige grondbelasting te kunnen heffen. Vóór die tijd was eigendomsregistratie een gefragmenteerde chaos van lokale registers en onnauwkeurige dorpsboeken. Landmeters trokken met meetketens, bakens en meettafels door de polders om elk perceel fysiek te begrenzen op de zogenaamde minuutplannen. In 1832 was de eerste integrale kartering van Nederland een feit. Het fundament voor de huidige rechtszekerheid was gelegd, al fungeerde het systeem destijds primair als een instrument van de fiscus.
De focus verschoof gedurende de negentiende eeuw gestaag van belastingheffing naar juridische bewijsvoering voor burgers en overheid. De papieren leggers werden de absolute bron voor eigendomsoverdrachten. Techniek dicteerde de evolutie. Waar de landmeter vroeger afhankelijk was van handmatige driehoeksmetingen en fysieke ketens, zorgde de opkomst van fotogrammetrie na de Tweede Wereldoorlog voor een enorme versnelling in de bijhouding van de kaarten. In 1992 volgde een cruciale juridische transitie; de Kadasterwet trad in werking en de organisatie transformeerde tot een zelfstandig bestuursorgaan. De digitaliseringsgolf in de jaren negentig verving de handgeschreven registers definitief door de Basisregistratie Kadaster (BRK). Een revolutie in bits en bytes. Tegenwoordig vormt de koppeling met GPS-coördinaten en de integratie van de KLIC-melding de laatste fase in een proces dat ooit begon met een meetketen in de modder.