Airpop

Laatst bijgewerkt: 14-01-2026


Definitie

De Europese merknaam voor geëxpandeerd polystyreen (EPS), een kunststof isolatiemateriaal dat door expansie van polystyreenkorrels een structuur van 98% stilstaande lucht vormt.

Omschrijving

Airpop, in de volksmond nog vaak piepschuim genoemd, is in essentie gestolde lucht. Het materiaal ontstaat door polystyreenparels met stoom te verhitten, waardoor ze tot wel vijftig keer hun oorspronkelijke volume opzwellen en samensmelten tot een solide blok of specifieke vorm. In de bouwsector waarderen we dit product vanwege de uitstekende thermische prestaties en de opvallend hoge drukvastheid in relatie tot het extreem lage eigen gewicht. Het materiaal is volledig ongevoelig voor rot of schimmel. Bovendien blijft de isolatiewaarde over de gehele levensduur van een constructie nagenoeg constant, mits de gesloten celstructuur niet mechanisch wordt aangetast. Het is licht, wit en laat zich met een simpele handzaag of gloeidraad in elke gewenste vorm dwingen.

Verwerking en fabricageproces

De productiecyclus vangt aan met het expanderen van ruwe polystyreenkorrels in een voorschuimer. Stoom verhit de massa. De parels zwellen. In grote silo's volgt daarna de noodzakelijke rijpingsfase om de interne druk te stabiliseren. Zodra deze rustperiode is voltooid, worden de parels in een blokvorm onder hernieuwde stoomdruk samengeperst tot een homogeen en vormvast geheel. Dit resulteert in grote blokken die na een droogperiode met verhitte gloeidraden tot platen of specifieke profielen worden versneden.

Op de bouwlocatie kenmerkt de uitvoering zich door een snelle hanteerbaarheid. De platen worden doorgaans droog gestapeld, tussen regelwerk geklemd of met speciale mortels tegen een achterconstructie verlijmd. Bij de realisatie van funderingen op staal dienen specifieke vormdelen vaak als verloren bekisting waarin direct beton wordt gestort. Een efficiënte werkwijze. Nauwe passing van de elementen is essentieel om de continuïteit van de isolatielaag te waarborgen. Mechanische borging vindt plaats met isolatiepluggen wanneer het materiaal als basis dient voor buitengevelstucwerk. Het materiaal laat zich zonder splijten bewerken. Een strak snijvlak blijft het doel.


Classificatie op basis van druksterkte

De cijfers vertellen het verhaal. Airpop wordt gecategoriseerd op basis van de druksterkte, uitgedrukt in kilopascal (kPa) bij een vervorming van tien procent. Een EPS 60 volstaat meestal voor niet-belaste isolatie in spouwmuren. Voor vloeren waar direct op geleefd wordt, is EPS 100 de industriestandaard. Zestig, honderd, tweehonderdvijftig; deze getallen bepalen waar het materiaal landt in de constructie. Bij zwaarder belaste toepassingen zoals parkeerdaken of zwaar belaste industrievloeren verschuift de keuze naar EPS 200 of zelfs EPS 250. De densiteit neemt toe, de cellen zitten dichter op elkaar, en het materiaal voelt merkbaar massiever aan. Het gaat hier niet om gewicht alleen, maar om het vermogen van de celstructuur om mechanische belasting op te vangen zonder blijvende vervorming.

De kleur van isolatiewaarde

Wit is de klassieke kleur. Het is de standaard voor algemene toepassingen waarbij de beschikbare ruimte voor isolatiedikte niet de beperkende factor is. Er is echter een grijze variant. Door grafietdeeltjes aan de polystyreenparels toe te voegen, verbetert het thermisch rendement met circa twintig procent. Dit grafiet absorbeert en reflecteert warmtestraling, waardoor de lambda-waarde daalt. Grijze Airpop is de logische keuze bij renovatieprojecten of slanke gevelconstructies waar elke millimeter telt. Hoewel de technische eigenschappen wat betreft vochtgevoeligheid identiek zijn aan de witte variant, vraagt de grijze plaat bij verwerking in de volle zon om extra aandacht. Absorptie van zonnestraling kan namelijk leiden tot thermische uitzetting tijdens de montage.

Vormdelen versus snijwerk

Niet alles komt uit een blok. Naast de bekende platen die uit grote moederblokken worden gezaagd, bestaan er vormdelen. Deze elementen worden in een specifieke mal onder stoomdruk gevormd. Denk aan funderingsbekistingen of complexe hoekstukken voor verpakkingen. Bij deze variant is de huid van het materiaal vaak dichter en gladder dan bij gezaagde platen, wat de wateropname nog verder minimaliseert. Een afwijkende verschijningsvorm zijn de losse parels. Deze worden gebruikt in de na-isolatie van spouwmuren of als lichtgewicht toeslagmateriaal in betonmortels. Het verschil zit in de samenhang; waar de plaat zorgt voor constructieve stijfheid, biedt de losse parel een vloeibare verwerkbaarheid in holle ruimtes.

Airpop in de praktijk

Een bekister plaatst op een zandbed grote, witte U-vormige elementen. Geen getimmer met houten planken of zware stalen kisten. Dit is de verloren bekisting van Airpop. De wapening gaat erin, de betonmixer komt langs en stort de funderingsbalk direct in het isolatiemateriaal. Na uitharding blijft de vorm zitten. De isolatie is direct voltooid.

Stel je een renovatieproject voor in een smalle stadswoning. De ruimte voor na-isolatie aan de binnenzijde is beperkt. Hier zie je grijze platen tegen de koude steensmuur. De dunne laag grafiet-EPS zorgt dat de bewoner geen kostbare vierkante meters woonoppervlak verliest, terwijl de thermische schil toch aan de moderne eisen voldoet. Een paar dotten lijmkit en een slagplug houden de lichte plaat op zijn plek.

Op het dak van een groot distributiecentrum liggen duizenden vierkante meters aan Airpop-platen. Ze variëren in dikte. De dakdekker puzzelt met genummerde elementen om een flauw hellingsvlak te creëren richting de hemelwaterafvoeren. Dit zogeheten afschotplan voorkomt plasvorming. Het gewicht op de staalconstructie blijft minimaal, ondanks de enorme oppervlakte.

In de utiliteitsbouw kom je het materiaal tegen onder zwaar belaste vloeren. In een autogarage liggen dikke platen EPS 200 onder de constructieve betonvloer. De platen dragen moeiteloos het gewicht van hefbruggen en voertuigen zonder in te klinken. Het is een stille kracht onder de werkvloer.


Normering en kwaliteitsborging

Regels bepalen de kaders. NEN-EN 13163 is hier de leidraad. Deze Europese norm dicteert de specificaties waaraan geëxpandeerd polystyreen moet voldoen voordat het de fabriekspoort verlaat. Prestaties op papier. Controleerbaar. Elke partij Airpop moet voorzien zijn van een CE-markering; dit is de wettelijke bevestiging dat het product voldoet aan de Europese verordening voor bouwproducten (CPR). Zonder dit keurmerk is toepassing in de professionele bouw juridisch onhoudbaar.

Het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL) stelt de minimale eisen aan de thermische weerstand van de gebouwschil. Voor nieuwbouw gelden specifieke Rc-waarden: 3,7 m²K/W voor de vloer, 4,7 voor de gevel en 6,3 voor het dak. Airpop is een middel om dit doel te bereiken. De dikte van het materiaal volgt direct uit deze wettelijke rekenregels. Voor de bepaling van de energieprestatie (BENG) is het cruciaal dat de gehanteerde lambda-waarden geregistreerd staan in de databank van Bureau Controle en Registratie Gelijkwaardigheid (BCRG).


Brandveiligheid en classificatie

Brandgedrag is een cruciaal aspect bij kunststoffen. NEN-EN 13501-1 classificeert de reactie bij brand. Airpop wordt doorgaans geleverd in Euroklasse E, wat duidt op een brandbaar materiaal met een beperkte bijdrage aan brand. In de praktijk spreken we vaak over SE-kwaliteit (Styropor Extra), wat betekent dat er brandvertragers zijn toegevoegd om druppelvorming en snelle vlamuitbreiding te voorkomen. Het BBL stelt strikte eisen aan de brandklasse van een constructieonderdeel.

  • Gevels moeten voldoen aan specifieke branddoorslag- en brandoverslageisen (WBDBO).
  • De positie in de constructie bepaalt de vereiste brandklasse van het isolatiemateriaal.
  • Toepassing in vluchtwegen vraagt om extra scherpte.

Regelgeving rondom brandveiligheid dwingt de verwerker vaak tot het aanbrengen van brandwerende barrières of het inkapselen van de isolatie met onbrandbare materialen zoals gipskarton of steenstrips. De wet kijkt naar het geheel, niet alleen naar de plaat.


Van laboratoriumexperiment naar Europese standaard

Fritz Stastny experimenteerde bij BASF. Een toevalstreffer in 1949 die de bouwsector fundamenteel veranderde. Hij verhitte polystyreenkorrels met een blaasmiddel en zag hoe het volume explosief toenam. Boem. De eerste celstructuur was een feit. In de jaren vijftig sijpelde deze vinding de bouwplaats op. Aanvankelijk bescheiden als isolatie voor leidingen, maar de schaalvergroting volgde snel. De markt zag de potentie van een materiaal dat bijna niets weegt en toch thermische weerstand biedt.

De term Airpop zelf is jonger. Veel jonger. Pas in 2014 besloot de Europese industrie, verenigd in EUMEPS, dat de technische afkorting EPS de lading niet dekte voor de brede markt. Men zocht een uniforme naam. Piepschuim klonk te goedkoop, Styropor was een merknaam van een chemiegigant. Airpop moest de essentie vangen: lucht verpakt in kunststof. Een strategische herpositionering om de veelzijdigheid van het materiaal te onderstrepen.

Technisch veranderde er veel sinds de vroege blokken. In de jaren negentig kwam de doorbraak van de grijze variant. Grafietdeeltjes werden toegevoegd. De isolatiewaarde sprong omhoog zonder dat de plaat dikker werd. Een reactie op de strenger wordende energiewetgeving. Wat begon als een experiment in een Duits laboratorium, eindigde als een gestandaardiseerd bouwelement dat wereldwijd de norm stelt voor funderingskisten en dakisolatie. De evolutie van een toevallige ontdekking naar een gereguleerd high-tech product.


Vergelijkbare termen

EPS | Geëxpandeerd polystyreen

Gebruikte bronnen: