Het uitvoeren van spattechniek, de opzettelijke variant welteverstaan, begint bij de consistentie van de verf. Een te dikke substantie spat niet goed; te dun, en het loopt uit. Een zorgvuldige verdunning is dus vaak een eerste stap, een evenwicht zoeken. Dan komt het instrument. Een borstel met stugge haren, soms een speciale spatkwast, wordt verzadigd met deze voorbereide verf.
Het proces zelf? Dat is het moment waarop de verf van het instrument wordt overgebracht op het te behandelen oppervlak. Dit gebeurt door een gecontroleerde beweging: denk aan het tikken van de borstel tegen een stok, het snel langs een zeef strijken, of een handmatige zwiep. De afstand tussen borstel en ondergrond, alsook de intensiteit van de handeling, bepaalt het karakter van het spatterpatroon. Fijne, gelijkmatige spikkels zijn het ene uiterste, grove, onregelmatige druppels het andere, alles afhankelijk van wat er visueel bereikt moet worden op wanden, plafonds, of meubelstukken. Het is een applicatiemethode, geen exacte wetenschap, waarbij ervaring leert welke beweging welk resultaat oplevert.
De term 'spattechniek', dat is er één met een dubbele lading in de bouwwereld; essentieel om die nuances te begrijpen, want anders praat men al snel langs elkaar heen. Enerzijds is er de opzettelijke, gecontroleerde handeling, een ambachtelijke applicatiemethode. Anderzijds staat 'spatten' vaak voor iets ongewenst, een onvolkomenheid, iets wat je juist koste wat het kost wilt voorkomen. Die twee hoofdvarianten, daar zit het onderscheid in.
De eerste variant, de decoratieve spattechniek, is een beproefde methode om oppervlakken te voorzien van textuur en karakter. Denk hierbij aan:
Dan is er de andere kant van de medaille, het ongewenste spatten, een breed begrip dat vrijwel elke onbedoelde verspreiding van bouwmaterialen omvat:
Het is die context die alles bepaalt; of men spreekt over een gezochte esthetische meerwaarde of over een hinderlijke, potentieel schadelijke verstoring van het bouwproces. Het verschil tussen kunst en ongemak, daar komt het op neer.
In de dagelijkse bouw- en afbouwpraktijk, daar zie je hoe die 'spattechniek' zich manifesteert, zowel gewenst als ongewenst; het bepaalt vaak het verschil tussen vakwerk en herstelwerk. Laten we eens kijken. Denk bijvoorbeeld aan het opfrissen van een ouderwetse stucwand; door een fijne decoratieve spattechniek toe te passen, vaak met kalkverf of een minerale pleister, creëer je een levendige, ademende textuur. Geen gladde, kille muur meer, maar eentje met karakter, een subtiele diepte, die speelt met het licht, zonder dat het overweldigend wordt.
Een ander scenario, dat van de interieurarchitect die een plafond in een horecagelegenheid een unieke uitstraling wil geven: een grove spat met donkere metallic verf kan een industrieel, bijna rauw effect geven, compleet anders dan de gebruikelijke gladde afwerking. Hier is het de opzettelijke, gecontroleerde onregelmatigheid die de esthetische waarde definieert, waarbij de afstand en de snelheid van het spatscherm of de kwastbeweging minutieus worden afgestemd op het gewenste resultaat.
Maar dan de keerzijde, de situaties die je als professional liever mijdt. Een schilder is bezig met het aflakken van kozijnen. Een moment van onachtzaamheid, een kwast die net iets te vol is, een onverwachte windvlaag. En daar verschijnen ze: kleine, ontsierende verfspatjes op het pas gelegde, dure parket, of erger nog, op het aangrenzende glas dat juist brandschoon moest blijven. Dit soort onbedoelde verspreiding, het vergt dan weer nauwgezet en vaak tijdrovend schoonmaakwerk, soms zelfs chemische middelen, om schade te beperken, iets wat de planning en het budget behoorlijk kan beïnvloeden.
Of neem de ruwbouw: bij het storten van beton voor een nieuwe verdiepingsvloer, daar spettert soms verse mortel tegen de reeds gemonteerde aluminium gevelprofielen of ramen. Als die cementdeeltjes niet direct, en dan bedoel ik ook echt direct, verwijderd worden, kunnen ze onherstelbare etsschade aanrichten. Het is corrosief spul, dat betonwater. En dan is er die meer structurele vorm van spatten, de betonschade: wanneer bewoners ineens zien hoe stukjes beton afbrokkelen van de onderzijde van hun balkon, dan duidt dat vaak op roestende wapening, een serieuzere structurele aantasting die verder gaat dan enkel esthetiek. Een helder verschil, toch, tussen de bewuste creatie van textuur en het ongewenste, soms zelfs schadelijke, neveneffect van bouwwerkzaamheden. De context bepaalt alles.
Joostdevree | Encyclo | Bouwtotaal | Lutteltuin | Hlsvn.webnode | Zelfkunstmaken