Tijdens neerslag wordt de vloeistofstroom direct bij de bron gescheiden van de vuilwaterafvoer. De uitvoering rust op een passief filtratieproces waarbij de kinetische energie van het vallende water vaak wordt benut om vuilresten naar de overloop te stuwen. Het gezuiverde deel buigt af naar de opslagunit. In het reservoir, meestal gesitueerd onder het maaiveld voor een stabiele temperatuur, vindt een secundaire zuivering plaats door natuurlijke sedimentatie. Zwaardere deeltjes zinken. Lichte delen vormen een drijflaag. Een rustige inlaat voorkomt dat de bodemlaag verstoord raakt bij nieuwe instroom.
De distributie is afhankelijk van actieve drukverhoging. Zodra er benedenstrooms een tappunt opent, reageert de pompbesturing op de drukval in het secundaire leidingnet. Het water wordt via een drijvende aanzuiging net onder het wateroppervlak onttrokken, daar waar het water het schoonst is. Sensoren bewaken continu de actuele voorraad. Bij een tekort aan hemelwater schakelt de techniek om naar een back-up modus. Een suppletie-unit voedt dan het systeem, waarbij een fysieke luchtspleet tussen het drinkwaternet en de regenwaterinstallatie elke vorm van contaminatie door terugstroming uitsluit.
Een nieuwbouwwoning in een buitenwijk. In de voortuin ligt, onzichtbaar onder het gazon, een betonnen regenwaterput van 5.000 liter. Zodra de bewoner boven het toilet doortrekt, activeert de hydrofoorpomp in de berging. Je hoort een kortstondig gezoem. Het toilet vult zich met gefilterd hemelwater. De drinkwatermeter staat stil. Dit is de meest gangbare toepassing waarbij de vlotter in de put de status bewaakt.
Denk aan een smalle stadswoning met een kleine kelder. Een graafmachine kan de tuin niet in. De installateur plaatst drie modulaire kunststof tanks van elk 800 liter in de kelderruimte. De tanks zijn smal genoeg om door de deurpost te passen. Ze zijn onderling verbonden als communicerende vaten. De wasmachine is hierop aangesloten. Omdat regenwater nauwelijks kalk bevat, blijft het verwarmingselement van de machine vrij van aankoeking en is er minder wasverzachter nodig. Een compacte wandunit regelt de omschakeling naar drinkwater zodra de keldertanks leegstaan.
Een bosrijke omgeving in de herfst. De bladafscheider in de standpijp voert een constante stroom eikenbladeren en takjes af naar de tuin, terwijl het water door een fijnmazig rvs-rooster de tank in stroomt. Zonder deze cycloonfilter zou de put binnen één seizoen vervuilen met rottend organisch materiaal. De bewoner inspecteert het filter. Een snelle spoeling onder de kraan volstaat. Dit kleine onderdeel bepaalt de geurloosheid van het opgeslagen water.
Een distributiecentrum met een dakoppervlak van 2.000 vierkante meter. Hier wordt regenwater niet alleen gebruikt voor de sanitaire groep, maar ook voor het wassen van het wagenpark. Een grote industriële pompunit met dubbele pompen garandeert de bedrijfszekerheid. Zelfs bij intensief gebruik van de hogedrukreinigers blijft de druk op het systeem constant. De enorme buffer voorkomt dat bij een hoosbui het riool overbelast raakt; de tank fungeert hier tevens als retentievoorziening.
De integratie van een regenwatersysteem binnen een gebouw is onderworpen aan strikte regelgeving om de integriteit van het openbare drinkwaternet te waarborgen. De belangrijkste eis is de fysieke scheiding tussen het regenwatercircuit en de drinkwaterinstallatie. Volgens de NEN 1717 moet er een absolute onderbreking aanwezig zijn. Dit betekent dat er geen directe verbinding mag bestaan; de bijvulling vanuit het drinkwaternet gebeurt via een 'vrije uitloop' of een luchtspleet. Water mag nooit terugstroomt. Nooit. Zelfs niet bij extreme onderdruk in het netwerk of een defecte pomp.
Het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL) stelt kaders voor de veiligheid en gezondheid van installaties in woningen en utiliteitsbouw. Hoewel regenwater niet aan de strenge eisen van het Drinkwaterbesluit hoeft te voldoen voor toiletspoeling of tuinberegening, mag het de algemene hygiëne niet in gevaar brengen. Er is een identificatieplicht. Alle leidingen van het regenwatersysteem moeten duidelijk gemarkeerd zijn om verwarring tijdens toekomstige werkzaamheden te voorkomen. Vaak wordt hiervoor een specifieke kleurcode of label met de tekst 'geen drinkwater' gebruikt.
Voor het technisch ontwerp en de dimensionering van regenwaterhergebruiksystemen biedt de Europese norm NEN-EN 16941-1 een specifiek kader. Deze norm behandelt de opvang, opslag en distributie van hemelwater op locatie. Het gaat hierbij niet alleen over de grootte van de tank, maar ook over de kwaliteitseisen voor de verschillende toepassingsgebieden.
Gemeentelijke verordeningen kunnen aanvullende eisen stellen, zeker in gebieden waar een verplichting tot afkoppelen geldt. In sommige regio's is een buffer- of infiltratievoorziening op eigen terrein zelfs een voorwaarde voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning. De lokale overheden sturen hiermee aan op een vertraagde afvoer naar het riool, waarbij een regenwatersysteem fungeert als een nuttige eerste opvangstap in de waterketen.
Het opvangen van hemelwater is geen moderne noviteit; het is een herontdekte noodzaak. Eeuwenlang vormden stenen cisternen en diepe regenbakken de primaire waterbron voor afgelegen boerderijen en versterkte burchten. Met de grootschalige aanleg van centrale drinkwaternetten in de twintigste eeuw raakte deze decentrale opslag in onbruik. Regenwater werd gedegradeerd tot afvalwater. Een hinderlijke reststroom die zo snel mogelijk via het riool moest verdwijnen.
De technische ommekeer begon eind jaren tachtig. Pioniers in Duitsland ontwikkelden de eerste generatie zelfreinigende filtersystemen die in de standpijp konden worden geïntegreerd. Dit maakte de weg vrij voor onderhoudsarme installaties in de woningbouw. Waar vroege systemen vaak nog provisorisch waren met een directe koppeling aan de waterleiding, dwong de introductie van de NEN 1717-normering tot een strengere scheiding. De 'vrije uitloop' werd de standaard om kruisbestuiving te voorkomen. Veiligheid werd leidend.
Vandaag de dag drijft niet alleen waterbesparing de markt, maar ook de noodzaak tot klimaatadaptatie. De evolutie van het systeem verschoof van eenvoudige regenton naar complexe bufferinstallatie. Gemeentelijke verplichtingen voor het afkoppelen van verhard oppervlak maken het regenwatersysteem inmiddels tot een integraal onderdeel van de stedelijke waterketen. Het is niet langer een ecologische keuze. Het is een functionele eis in de moderne bouwtechniek.
Joostdevree | Nl.wikipedia | Encyclo | Installatie | Blauwgroenvlaanderen | Klimaatplein | Gepwater | Mijnwaterfabriek | Regenwaterrecycle | Gaudisite | Gaudisite | Wiki-raamsdonk