Kantgording

Laatst bijgewerkt: 20-02-2026


Definitie

De onderste horizontale balk in een gordingenkap die de dakvlakken verbindt met de opgaande gevel of bouwmuur.

Omschrijving

In een traditionele gordingenkap vangen horizontale balken de belasting van het dak op. De kantgording is hierbij de onderste in de rij en bevindt zich direct bij de aansluiting met de gevel. Vaak vervult dit onderdeel een dubbelrol; het is de constructieve drager van het dakbeschot én de esthetische binnenafwerking van de dakvoet. In situaties waar de gording direct op de muur rust, kan de muurplaat de functie van kantgording overnemen. Het is het punt waar de kap letterlijk op het casco landt.

Uitvoering en montage in de praktijk

Installatie en positionering

De montage start bij de overgang van de verticale constructie naar het schuine vlak. De kantgording wordt direct tegen de binnenzijde van de gevel of op de bouwmuur aangebracht. Soms rust de balk op uitkragende metselwerkranden, maar vaker vindt bevestiging plaats via chemische ankers of spreidbouten in de harde kern van de muur. De uitlijning luistert nauw. Een fractie afwijking in de hoogte zorgt direct voor problemen bij het vlak leggen van het dakbeschot of de dakelementen. Het hout mag doorgaans de steenachtige muur niet direct raken om vochtoverdracht te vermijden; een laagje loodvervanger of dpc-folie fungeert hierbij als scheiding.

Constructieve integratie

Directe verankering aan de kapconstructie. Bij een traditionele kap wordt de kantgording tussen de spanten of de kopgevels geklemd. Waar de balk de functie van de muurplaat deels overneemt, vormt de bevestiging het ankerpunt dat de spatkrachten van de dakconstructie opvangt. In de moderne systeembouw is de kantgording vaak al in de fabriek geïntegreerd in prefab dakelementen. De uitvoering op de bouwplaats beperkt zich dan tot het stellen van het element en het mechanisch borgen van de voet aan de ringbalk of de verdiepingsvloer. Bij renovatieprojecten is het vaak handwerk: de balk wordt in bestaande inkassingen in de muur geschoven en daarna met wiggen en ondersabelingsmortel vastgezet voor een stabiele oplegging.

Luchtdichtheid en afwerking

De aansluiting tussen de kantgording en de opgaande gevel is een kritisch punt voor de luchtdichtheid van de woning. In de praktijk wordt de ruimte tussen de balk en het metselwerk vaak gedicht met compriband of een flexibele pur-schuim, voordat de definitieve binnenafwerking wordt geplaatst. De onderzijde van de gording blijft in veel gevallen zichtbaar als onderdeel van de interieurafwerking bij de dakvoet, wat een zorgvuldige schaafkwaliteit van het hout vereist.


Varianten en technische nuances

Naamgeving en functionele verschillen

In de praktijk worden de termen kantgording, voetgording en muurplaat regelmatig door elkaar gehaald. Toch zijn er wezenlijke verschillen. De voetgording bevindt zich strikt genomen aan de uiterste onderzijde van de kaphelling. Een strijkgording daarentegen ligt over de gehele lengte strak tegen een opgaande muur aan, bijvoorbeeld bij een kopgevel, om daar het dakbeschot te ondersteunen waar de gewone gordingen ophouden. De kantgording vormt vaak de verbinding tussen deze twee werelden. Het is de overgangsbalk.

Materialen bepalen de uitstraling en draagkracht. In de reguliere woningbouw overheerst geschaafd vurenhout. Voor projecten met een industrieel karakter of extreem grote overspanningen tussen de spanten valt de keuze vaak op staal. Denk aan koudgewalste Z-profielen of warmgewalste IPE-balken. Deze stalen varianten bieden een hogere stijfheid bij een lager eigen gewicht, wat cruciaal is bij grote dakvlakken.

Constructieve splitsing

Het onderscheid met de muurplaat is fundamenteel voor de krachtsafdracht. Een muurplaat ligt plat op de muur; de kantgording staat meestal onder dezelfde hoek als de dakhelling. Soms vervallen de grenzen. Bij een gordingenkap zonder sporenrust landt de belasting direct op de kantgording, die dan de rol van de muurplaat volledig overneemt. In moderne prefab bouw is de kantgording vaak een 'blinde' verbinding. Het is dan een houten randregel die volledig in de isolerende sandwichpanelen is opgesloten. Dit minimaliseert koudebruggen bij de gevelaansluiting. Bij monumentale panden zie je vaak eikenhouten varianten, robuust en met een overmaat gedimensioneerd om de tand des tijds te doorstaan. Vaak is daar geen sprake van een standaard balkmaat. Handwerk domineert de restauratie.


Praktische situaties en herkenningspunten

De kantgording in het werk

Denk aan een zolderrenovatie in een vooroorlogse woning. De bewoner wil de kapconstructie in het zicht houden. Je ziet de gordingen trapsgewijs omhoog lopen naar de nok, maar de onderste balk wijkt af. Deze rust direct op de binnenmuur en vormt de basis voor het knieschot. Hier fungeert de kantgording als het visuele én constructieve rustpunt van de hele kapconstructie. Het is het anker. Een robuust detail dat de schuinte van het dak breekt.

Bij de montage van prefab dakelementen op een nieuwbouwproject gaat het er heel anders aan toe. Geen losse balken meer op de bouwplaats. De kantgording is hier vaak de massief houten onderregel van het element zelf. Zodra de kraan het paneel op de ringbalk laat zakken, vormt deze regel de directe aansluiting op het casco. Eén keer nauwkeurig stellen. Direct vastschroeven. Daarna de luchtdichting met compriband controleren. Snelheid en precisie bepalen hier het proces.

In een industriële loods zie je vaak stalen varianten. Een zwaar IPE-profiel loopt horizontaal langs de gevelrand. Het vangt de eerste rij stalen dakplaten op. Geen sierlijke afwerking hier. Pure functionele krachtoverdracht op de stalen spanten. Soms is de balk nauwelijks te onderscheiden van de rest van de constructie, totdat je ziet hoe de gevelbekleding er aan de buitenzijde precies onder aansluit. Het is het kritieke punt waar windbelasting en dakgewicht samenkomen.


Normering en constructieve kaders

De constructieve integriteit van een kapconstructie is wettelijk verankerd in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL). Veiligheid staat voorop. Voor de kantgording vertaalt dit zich direct naar de rekenregels uit de Eurocodes. NEN-EN 1995 is leidend wanneer de gording van hout is, waarbij sterkteberekeningen moeten aantonen dat de balk bestand is tegen permanente en variabele belastingen. Het gaat dan niet alleen om het gewicht van de dakpannen. Sneeuwlast en winddruk spelen een even grote rol, gedefinieerd in NEN-EN 1991. Bij stalen varianten verschuift de toetsingsgrondslag naar NEN-EN 1993. De verankering aan de onderliggende constructie, vaak de ringbalk of de bouwmuur, moet voldoen aan specifieke eisen voor mechanische weerstand om spatkrachten en windzuiging te weerstaan. Het is de fundering van het dak op het metselwerk. Eisen aan luchtdichtheid en thermische isolatie bij de aansluiting met de gevel vallen onder de algemene energetische prestatie-eisen van het gebouw, waarbij koudebruggen voorkomen moeten worden om aan de vigerende isolatiewaarden te voldoen. Het luistert nauw. Een verkeerde berekening leidt tot doorbuiging of erger. De wet eist een solide basis.


De oorsprong van de kantgording

Houtbouw vormt de fundamentele oorsprong. Eeuwenlang hakten timmerlieden eikenhouten stammen met de bijl tot robuuste balken. De kantgording was toen al onmisbaar. Het fungeerde als de primaire schakel tussen de kapconstructie en de massieve muren van kerken, boerderijen en pakhuizen. Zonder deze onderste balk landde het dakgewicht ongecontroleerd op het metselwerk. Simpel maar doeltreffend.

De negentiende eeuw bracht industrialisatie. Gestandaardiseerde houtmaten deden hun intrede. Vurenhout uit Scandinavië verving langzaam het inheemse eiken. Snelheid werd leidend. De kantgording evolueerde van een ambachtelijk stuk hout naar een technisch component met vaste afmetingen.

Na de Tweede Wereldoorlog veranderde de bouwopgave radicaal. De komst van de spouwmuur en strengere thermische eisen in de jaren zeventig en tachtig dwongen tot innovatie bij de dakvoet. De aansluiting tussen de kantgording en de gevel werd een brandpunt voor isolatie en luchtdichtheid. Vroeger was een kier acceptabel. Tegenwoordig is dat ondenkbaar. De moderne prefab-bouw vormt de voorlopige eindhalte van deze ontwikkeling. In plaats van een losse balk die ter plaatse wordt ingemetseld, is de kantgording nu vaak een geïntegreerde randregel in een sandwichpaneel. Van handwerk naar systeem-engineering. De functie blijft gelijk, de uitvoering is onherkenbaar veranderd.


Vergelijkbare termen

Muurplaat | Nokgording | Dakspant

Gebruikte bronnen: