De fysieke realisatie van een eilandkeuken start bij de vloer. Omdat het meubel geen contact maakt met de wanden, moeten alle toevoer- en afvoerleidingen verticaal vanuit de ondergrond worden binnengevoerd. Dit vergt uiterste precisie bij het inmeten. In de ruwbouwfase worden hiervoor sparingen in de betonvloer gelaten, terwijl bij renovatieprojecten vaak sleuven in de bestaande dekvloer worden gefreesd om de infrastructuur weg te werken. Het meubel zelf rust op een verstelbaar frame van stelpoten. Stabiliteit is hierbij een kritieke factor; aangezien wandmontage ontbreekt, vindt er vaak een mechanische verankering aan de dekvloer plaats om verschuiving of torsie te voorkomen.
Bij spoeleilanden vormt het rioleringsafschot de grootste technische uitdaging. Wanneer de afstand tot de centrale standleiding groot is, moet de vloerdikte voldoende ruimte bieden voor de noodzakelijke hellingshoek van de afvoerbuis. De montage van de corpussen gebeurt stapsgewijs, waarbij de waterpasstelling essentieel is voor het dragen van zware werkbladen van natuursteen of composiet. Deze bladen worden als sluitstuk geplaatst. De afwerking aan de zichtzijden geschiedt met zijpanelen of wangen die tot op de vloer doorlopen, waardoor het eiland een monolithisch karakter krijgt. Voor de luchtbehandeling boven kookeilanden worden diverse methoden toegepast:
De benaming eilandkeuken is een verzamelnaam waarbij de specifieke technische uitrusting het type bepaalt. Een kookeiland is louter gefocust op de thermische processen. Hierbij is de integratie van een kookplaat, al dan niet met interne afzuiging, leidend. Het vereist een robuuste elektrische infrastructuur, vaak op basis van krachtstroom. Bij een spoeleiland verschuift de prioriteit naar de waterhuishouding en de afvoertechniek. Dit type herbergt de spoelbak en de vaatwasser. De complexiteit schuilt hier in het realiseren van voldoende afschot in de dekvloer voor de riolering. Het combinatie-eiland verenigt beide functies. Dit resulteert in een fors volume dat een aanzienlijk vloeroppervlak opeist om de ergonomische driehoek intern op te lossen.
Niet elk vrijstaand ogend element voldoet aan de strikte definitie van een eiland. De meest voorkomende varianten zijn:
Verwarring ontstaat vaak tussen een eilandkeuken en een vrijstaand keukenblok. Waar een eiland integraal onderdeel uitmaakt van de gebouwinfrastructuur door vaste leidingverbindingen, kan een losstaand keukenblok (vaak op wielen of losse poten) mobiel zijn. Dit laatste mist de bouwkundige verankering. Ook het verschil met een parallelkeuken is relevant. In een parallelopstelling staan twee blokken tegenover elkaar, maar zijn beide doorgaans tegen een wand geplaatst. Een eiland staat solitair. Ruimtebeslag is de graadmeter. Een eiland dwingt circulatie af, een parallelopstelling creëert een corridor.
Bij de transformatie van een jaren '30 woning wordt de scheidingswand tussen de kamer-en-suite en de keuken vaak verwijderd. De architect tekent een royaal eiland. In de praktijk stuit dit vaak op de bestaande houten balklaag. Als de afvoer van het spoeleiland dwars op de balkrichting loopt, moet de vloer lokaal worden opgehoogd met een estrich-systeem of wordt er gekozen voor een koof tegen het plafond van de ondergelegen kelder. De installateur moet hier de afweging maken: de constructie verzwakken door gaten te boren, of het ontwerp aanpassen.
Stel een gezinssituatie voor tijdens het ontbijt. Terwijl één persoon eieren bakt op het kookeiland, moet een ander bij de vaatwasser in de wandopstelling erachter. Hier wordt de minimale maat van 100 centimeter tastbaar. Bij een te krappe doorgang blokkeert de geopende klep van de vaatwasser de volledige looproute. In een professioneel ontworpen eilandkeuken zie je daarom vaak dat de vaatwasser niet recht tegenover de kookplaat is geplaatst, maar versprongen, zodat twee personen rug-aan-rug kunnen werken zonder fysieke obstructie.
In moderne lofts met kamerhoge glaspartijen is de eilandkeuken vaak het visuele rustpunt. Een storende factor in de praktijk is de afzuigkap. Om de zichtlijn naar de tuin te behouden, wordt in dergelijke situaties vrijwel altijd gekozen voor een inductiekookplaat met geïntegreerde randafzuiging (downdraft). De technische consequentie? De plint van het eiland moet hoger zijn of een uitsparing hebben om de gefilterde lucht weer de ruimte in te blazen. Dit beïnvloedt de sokkelvorming en daarmee het zwevende effect van het meubel.
Een eiland van drie meter lang met een massief werkblad van composiet of natuursteen weegt honderden kilo's. Tijdens de montage kom je dit tegen als een logistieke puzzel. Het blad kan niet via de trap, dus moet er een kraan aan te pas komen om het via het raam naar binnen te hijsen. Eenmaal binnen rust dit enorme gewicht op de stelpoten van de keukenkastjes. De monteur controleert hierbij extra streng of de dekvloer onder de poten niet bezwijkt of inzakt, zeker bij vloerverwarming waarbij de leidingen de druk moeten kunnen weerstaan.
De elektrische infrastructuur volgt de NEN 1010. Deze norm is dwingend voor de aanleg van laagspanningsinstallaties. Omdat een kookeiland vaak zware verbruikers zoals een inductiekookplaat en een stoomoven herbergt, zijn aparte groepen en een correcte dimensionering van de bedrading essentieel. Water en elektriciteit ontmoeten elkaar op het eiland; de regels voor zones en afstanden tussen aansluitpunten en tappunten zijn hierbij strikt. Het gaat niet alleen om gemak. Het gaat om het voorkomen van oververhitting en kortsluiting onder de plint.
Voor de waterhuishouding en riolering is de NEN 3215 leidend. Deze norm stelt eisen aan de dimensionering en de beluchting van de afvoer. Bij een eiland is de horizontale leiding in de vloer vaak de zwakke schakel. Zonder de juiste beluchting volgens de norm ontstaat er onderdruk, waardoor sifons worden leeggezogen en rioollucht de leefruimte binnendringt. De capaciteit van de afzuiging, een kritiek punt bij eilandopstellingen, wordt getoetst aan de ventilatie-eisen uit het BBL en de NEN 1087. Bij recirculatiekappen is het bovendien van belang dat de installatie de luchtvochtigheid in de ruimte niet nadelig beïnvloedt, wat weer raakt aan de algemene ventilatiebalans van de woning.
Gasinstallaties op een eiland, hoewel zeldzamer in nieuwbouw, moeten voldoen aan de NEN 1078. De stabiliteit van de gastoevoer en de beveiliging tegen onbedoeld uitstromen zijn hierbij de belangrijkste technische parameters.De keuken was decennialang een besloten domein. Een utilitaire machinekamer, vaak weggestopt aan de achterzijde van de woning. De opstelling was strikt lineair. De gebruiker werkte met het gezicht naar de muur. Deze hiërarchie veranderde radicaal in de jaren tachtig van de vorige eeuw. Ontwerpers zoals Otl Aicher begonnen de ergonomie van de keuken fundamenteel te herzien. De introductie van de 'keukenwerkbank' in 1988 door Bulthaup markeerde een technisch en sociaal kantelpunt. De kok werd niet langer verbannen naar de wand, maar kreeg een centrale positie in de ruimte. Het eiland werd de spil van de woning.
In de vroege stadia vormde de installatietechniek een forse barrière voor deze ontwikkeling. Gasgestookte kookplaten midden in een kamer vereisten complexe leidingtrajecten door de vloerconstructie. In de toenmalige woningbouw was dit verre van standaard. De echte doorbraak kwam met de grootschalige adoptie van de inductiekookplaat. Geen open vuur meer in de looproute. Geen gasaansluiting op lastige posities. Slechts een krachtige elektrakabel volstond. Ook de luchtbehandeling evolueerde mee. De vroege eilandkappen waren massieve, visueel verstorende objecten die de openheid van het ontwerp tenietdeden. Pas met de verfijning van plafondunits en later de geïntegreerde werkbladafzuiging werd het eiland bouwkundig volledig volwassen.
Vandaag de dag is de eilandkeuken geen luxe trend meer, maar een bouwkundig uitgangspunt. Bij nieuwbouwprojecten worden vloeren nu standaard voorzien van instortvoorzieningen voor riolering en elektra op centrale posities. De keuken is geëvolueerd van een functionele cel naar een monolithisch meubelstuk waar wonen, werken en koken naadloos samenvloeien. De muur is niet langer de basis. De vloer is dat nu.