De realisatie vangt aan met de mechanische ontgraving van de bestaande grondslag. Nauwkeurigheid is hierbij geboden. Men graaft tot de diepte waarop de sondeergegevens een stabiele laag aangeven, waarbij slappe componenten zoals veen of klei consequent worden afgevoerd naar een depot. De bodem van de ontstane koffer wordt direct na het ontgraven geprofileerd. Een egaal vlak voorkomt immers dat er later ongewenste spanningsverschillen in de fundering optreden. Soms plaatst men op dit niveau een scheidingsvlies; dit voorkomt dat het schone zand of granulaat zich vermengt met de resterende ondergrond en zo de stabiliteit aantast.
Dan volgt de opbouw. Het draagkrachtige materiaal wordt in opeenvolgende lagen aangevoerd en over het oppervlak verspreid. Men werkt meestal in laagdiktes van twintig tot dertig centimeter om een optimale verdichting te kunnen garanderen over de gehele diepte van het pakket. Elke laag wordt met zware trilwalsen of trilplaten bewerkt. Het gaat om het reduceren van holle ruimtes tussen de korrels. De verdichting wordt tussentijds gecontroleerd met een handsonde of via plaatdrukproeven, een cruciale stap voordat de volgende laag gestort mag worden. Zo groeit de constructie laag voor laag naar het gewenste peil, waar de bovenzijde uiteindelijk nauwkeurig wordt afgereid op de exacte hoogte voor de toekomstige bovenbouw.
Niet elk cunet dient hetzelfde doel. Het onderscheid zit hem in de beoogde bovenbouw en de intensiteit van het gebruik. Een wegcunet voor zwaar vrachtverkeer vereist een aanzienlijke diepte en vaak een trapsgewijze opbouw met verschillende fracties menggranulaat. Bij een fietspadcunet of een cunet voor trottoirs volstaat meestal een dunnere laag zand, omdat de statische en dynamische belasting daar veel lager ligt. In de woningbouw spreekt men vaak van een zandbed onder de vloer, wat technisch gezien een cunet is, maar dan specifiek gericht op het creëren van een werkvloer en vochtkering bovenop een draagkrachtige zandlaag.
Op locaties met een extreem dik pakket samendrukbaar veen is traditioneel zand soms te zwaar. Het gewicht van het zand zelf zou dan al voor verzakkingen zorgen. In die gevallen wordt gekozen voor een lichtgewicht cunet. Men gebruikt dan materialen zoals EPS-blokken (geëxpandeerd polystyreen), bims of schuimbeton. Het volume blijft gelijk, maar de massa op de ondergrond neemt drastisch af. Dit voorkomt dat de weg op termijn 'wegzakt' in de eigen fundering.
In de praktijk worden de termen cunet en zandkoffer veelvuldig door elkaar gebruikt. Er zit echter een nuance in. De term zandkoffer benadrukt vooral de opsluiting; het zand zit als het ware 'opgesloten' in de omliggende, minder stabiele grond. Een cruciaal verschil moet worden gemaakt met de leidingsleuf. Hoewel beide uitgravingen zijn, is een sleuf specifiek gedimensioneerd voor de installatie van buizen of kabels en niet primair voor het dragen van een oppervlakteregime. Een cunet is breed en ondiep; een sleuf is smal en diep.
| Type | Kenmerkend materiaal | Hoofdfunctie |
|---|---|---|
| Standaard cunet | Zand (meestal zand voor zandbed) | Wegenis voor licht verkeer |
| Puin- of granulaatcunet | Menggranulaat 0/31.5 | Zware verkeersbelasting |
| EPS-cunet | Polystyreen blokken | Stabiliteit op zeer slappe bodem |
| Drainagecunet | Filterzand of grind | Waterafvoer gecombineerd met draagkracht |
Soms wordt er ook gesproken over een boomcunet. Dit is een specifieke variant in de stedelijke omgeving waarbij de bodem wordt verbeterd met boomgranulaat. Dit materiaal combineert de mechanische draagkracht voor het wegverkeer met de noodzakelijke porositeit voor wortelgroei en luchtuitwisseling. Een technische spagaat tussen civiele techniek en ecologie.
Stel je een nieuwbouwwijk voor waar de straten nog moeten worden aangelegd. De graafmachine verwijdert eerst een dikke laag zwarte kweekgrond tot de gelige zandlaag zichtbaar wordt. Dit is het moment waarop het cunet zijn vorm krijgt. Een dertig centimeter diepe 'bak' wordt gevuld met menggranulaat, een mengsel van gebroken bakstenen en beton. Dit puinbed vormt de onwrikbare basis voor de uiteindelijke asfaltlaag. Zonder dit granulaatcunet zou de eerste de beste vuilniswagen de weg in sporen rijden.
In een stadscentrum ziet de situatie er anders uit. Hier moet een monumentale boom midden in een parkeerstrook overleven. De civiele aannemer graaft een boomcunet. In plaats van standaard zand gebruikt hij boomgranulaat. Dit materiaal is technisch fascinerend; het is hard genoeg om de druk van parkerende auto's te weerstaan, maar poreus genoeg om regenwater en zuurstof door te laten naar de dieper gelegen wortels. Een ingenieuze balans tussen draagkracht en biologie.
Langs een kanaal in een veengebied treft men vaak een afwijkende methode aan. De bodem is daar simpelweg te slap om het gewicht van een traditionele zandkoffer te dragen. De oplossing? Een lichtgewicht cunet. Gigantische blokken van wit piepschuim (EPS) worden in de uitgraving gestapeld. Het ziet eruit als een gigantisch bouwpakket. De weg die hier overheen komt, 'drijft' als het ware op de ondergrond, waardoor de enorme druk op de onderliggende veenlagen tot een minimum wordt beperkt.
Bij de aanleg van een eenvoudig tuinpad is de schaal kleiner, maar het principe identiek. De bewoner graaft vijftien centimeter grond af. Hij stort een laag ophoogzand. Na het aantrillen met een lichte trilplaat ontstaat een harde, egale vlakte. De terrastegels liggen hierdoor jarenlang strak, zonder dat elke regenbui voor verzakkingen of scheve voegen zorgt.
De wet kijkt altijd mee. Grondverzet is nooit vrijblijvend. Wie een cunet graaft, krijgt direct te maken met het Besluit bodemkwaliteit (BbK). Elke kuub die eruit gaat en elke kuub die erin komt, moet voldoen aan strikte milieu-hygiënische randvoorwaarden. Men mag niet zomaar gebiedsvreemde grond storten zonder de juiste certificaten of partijkeuringen. De administratieve bewijslast is zwaar. Zonder de juiste papieren is de weg naar een saneringsboete kort.
Veiligheid is een ander ankerpunt. De Arbowet stelt harde eisen aan werken in ontgravingen. Is het cunet dieper dan één meter? Dan zijn voorzorgsmaatregelen tegen inklinking of instorting van de wanden verplicht. Taluds moeten de juiste hellingshoek hebben. Werken in een koffer is risicovol. Men vergeet vaak de druk van het omliggende terrein.
In de civiele techniek regeert de RAW-systematiek. Dit is de contractuele ruggengraat voor vrijwel elk infraproject in Nederland. Hierin staan de technische eisen voor de verdichting van het zandbed en de korrelgradering van het menggranulaat tot achter de komma beschreven. De NEN 6740-normen voor geotechniek vormen daarbij het theoretische fundament voor de berekening van de draagkracht. Een cunet moet immers voldoen aan de constructieve veiligheidseisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL). Bezwijken is geen optie.
Vergeet de Omgevingswet niet. Bij grootschalige ontgravingen waarbij de grondwaterstand tijdelijk wordt verlaagd, is vaak een melding of vergunning voor de wateronttrekking noodzakelijk. Het beïnvloeden van de hydrologie rondom een cunet heeft juridische consequenties voor de omliggende bebouwing. Alles hangt met alles samen in de bodem.
De etymologie voert terug naar de Franse vestingbouw. Een cunette was oorspronkelijk een smalle afvoergeul in de bodem van een droge gracht. Militair vernuft gericht op ontwatering. In de civiele techniek verschoof de betekenis naar de volledige uitgraving ten behoeve van wegfunderingen. Romeinse wegenbouwers pasten het principe feitelijk al toe; zij vervingen instabiele modder door een statumen van grote stenen. Fundamentele bodemverbetering avant la lettre.
In de Nederlandse delta bleef de realisatie van een solide cunet lang beperkt tot het storten van dikke zandlagen op de drassige veengrond. Het was vaak giswerk. De echte technische evolutie versnelde pas in de twintigste eeuw met de opkomst van zwaar vrachtverkeer. Handmatige arbeid maakte plaats voor mechanische graafkracht. De introductie van de trilwals veranderde de eisen aan het vulmateriaal; korrelverdeling en verdichtingsgraad werden meetbare variabelen. In de jaren '70 en '80 zorgde de opkomst van milieuregelgeving voor een strikter onderscheid tussen gebiedseigen grond en gecertificeerd ophoogzand. Het cunet transformeerde van een simpel gat in de grond naar een nauwkeurig berekende technische koffer waarin innovaties zoals geosynthetische scheidingsvliezen en lichtgewicht EPS-vullingen de standaard zijn geworden.
Joostdevree | Nl.wikipedia | Encyclo | Wegenwiki | Riool | Commissiemer | Grondbank | Bouwadaptief | Tl.iplo | Gebrvanderlee | Grondwijzer | Speelnatuur | Koersmix | Gblegwerk | Gemato