De applicatie van APP-gemodificeerd bitumen steunt grotendeels op thermische versmelting. Hitte activeert de kleefkracht. Met een gasbrander wordt de onderzijde van de rol kortstondig verhit totdat het bitumen vloeibaar wordt, waarna de rol gecontroleerd over het dakoppervlak wordt uitgerold. Een zichtbare bitumenrups voor de rol uit garandeert een volledige hechting over het gehele oppervlak. Soms volstaat een strooksgewijze verkleving. De banen worden met een onderlinge overlap gelegd. Deze langs- en kopse naden zijn cruciaal voor de waterdichtheid en worden met extra zorg dichtgevloeid tot een monolithisch geheel. Bij dakdetails zoals opstanden, hemelwaterafvoeren en hoekoplossingen vindt handmatige verwerking plaats. Hierbij wordt het materiaal nauwkeurig op maat gesneden en met de vlam gemodelleerd naar de vorm van de ondergrond. Geen plooien. Geen luchtbellen. Hoewel de brandmethode standaard is, komt koudlijmen of mechanische bevestiging bij specifieke constructies ook voor, waarbij de naden alsnog thermisch worden gesloten.
De visuele en functionele variatie van APP-gemodificeerd bitumen wordt grotendeels bepaald door de afwerking van de bovenzijde. Gemineraliseerde rollen, herkenbaar aan de ingewalste leislag in kleuren als grijs, zwart of groen, bieden een extra pantser tegen UV-straling en mechanische belasting. Bij niet-zichtwerk of systemen met een ballastlaag zoals grind, volstaat vaak een afwerking met zand of een dunne folie. Een gladde toplaag is zeldzaam. De inwendige versterking, de zogenaamde inlage, varieert eveneens sterk. Polyestermatten geven de rol een hoge ponsweerstand en rekvermogen. Glasvlies daarentegen zorgt voor een superieure dimensiestabiliteit, waardoor de dakbedekking niet gaat 'kruipen' of krimpen onder invloed van temperatuurschommelingen. Vaak zie je composietinlagen die de sterke punten van beide materialen combineren.
Verwarring met SBS-gemodificeerd bitumen komt vaak voor, maar de verschillen in gedrag zijn fundamenteel. APP is een plastomeer. Het gedraagt zich als een taaie kunststof die bij verhitting soepel wordt maar bij afkoeling zijn vormvastheid behoudt. SBS is een elastomeer met rubberachtige eigenschappen. In een koud klimaat blijft SBS flexibeler. APP blinkt echter uit in de brandende zon. De UV-bestendigheid van APP is inherent zo hoog dat een beschermlaag van leislag technisch gezien minder cruciaal is dan bij SBS, al blijft het voor de levensduur aanbevolen. Voor de verwerker betekent de keuze voor APP een hogere verwerkingstemperatuur en een materiaal dat minder gevoelig is voor beschadigingen door belopen tijdens de zomermaanden.
Voor specifieke dakfuncties bestaan aangepaste varianten. Wortelwerend APP-bitumen bevat chemische additieven die penetratie door plantenwortels voorkomen, onmisbaar bij de aanleg van intensieve of extensieve groendaken. Daarnaast winnen witte APP-banen aan terrein. Deze zijn voorzien van een speciale reflecterende coating of mineraal om de warmteabsorptie van het gebouw te minimaliseren. Minder hittestress. Lagere koellasten. Sommige fabrikanten leveren ook zelfklevende APP-onderlagen voor situaties waar werken met open vuur verboden is, hoewel de toplaag in de regel thermisch wordt gefixeerd voor een gegarandeerde waterdichtheid op de lange termijn.
Een plat dak op een bedrijfshal in de volle augustuszon. De temperatuur van de zwarte dakbedekking stijgt moeiteloos naar 85 graden Celsius. Terwijl een dakdekker over het oppervlak loopt om een verstopte hemelwaterafvoer te inspecteren, laat hij geen diepe voetstappen of indrukken achter in de toplaag. Het materiaal blijft stabiel. Bij standaard bitumen zou de schoenzool direct in de weke massa zinken.
Bij de realisatie van een extensief groendak op een appartementencomplex komt de wortelwerende variant in beeld. Hier fungeert de APP-toplaag als directe basis voor de sedummatten. Zelfs agressieve wortels dringen niet door de gemodificeerde laag heen. De constructie blijft waterdicht, ook na jarenlange blootstelling aan vocht en biologische belasting.
Denk ook aan het inwerken van een complexe dakopstand bij een dakterras. Met een handbrander wordt een strook APP-bitumen vloeibaar gemaakt tot de bitumenrups gelijkmatig uit de naad perst. Een strakke aansluiting op de daktrim is het resultaat. Geen plooivorming in de hoeken. De stijvere structuur van de plastomeer zorgt ervoor dat de dakbedekking strak tegen de opgaande muur blijft staan zonder uit te zakken.
Een renovatieproject in een stedelijk gebied met veel luchtvervuiling en hoge UV-belasting vraagt om duurzaamheid. Men kiest hier voor een toplaag met lichtgrijze leislag. De minerale afwerking beschermt het bitumen tegen de vlammende zon en voorkomt vroegtijdige veroudering door oxidatie. Het dak behoudt tientallen jaren zijn flexibiliteit.
Afval uit de polypropyleenproductie. Dat was het begin. In de jaren zestig zochten Italiaanse ingenieurs naar een manier om bitumen stabieler te maken tegen de verzengende Zuid-Europese zon en ze vonden die in de plastomeren die eigenlijk bedoeld waren voor de vuilnisbelt. Tot die tijd was de bouwsector aangewezen op geoxideerd bitumen. Geblazen bitumen. Dat materiaal had een fundamenteel probleem: het werd bros in de winter en veranderde in een stroperige vloeistof zodra de thermometer de dertig graden passeerde. De toevoeging van atactisch polypropyleen veranderde de moleculaire structuur van het bitumen radicaal.
De jaren zeventig markeerden de echte commerciële shift in West-Europa. Men realiseerde zich dat een enkele laag APP-gemodificeerd bitumen technisch superieur was aan de traditionele meerlaagse systemen van mastiek en teerpapier. Geen gedoe meer met emmers vloeibare teer op het dak. De introductie van polyester- en glasvliesinlagen in de jaren tachtig maakte de cirkel rond; deze gaven de banen de nodige mechanische sterkte die het zuivere bitumenmengsel miste. In Nederland verving APP gedurende de jaren tachtig en negentig in hoog tempo de oude 'geblazen' dakrollen, vooral omdat de UV-bestendigheid in ons veranderende klimaat een doorslaggevend verkoopargument werd.
In de vroege dagen was de kwaliteit nogal wisselend. Soms was er te veel vulstof, soms te weinig polymeer. De sector professionaliseerde door de komst van Europese normen die de minimale hoeveelheid APP vastlegden om de term 'gemodificeerd' te mogen voeren. Waar de eerste generatie APP-rollen nog gevoelig was voor koudebreuk, zorgden verbeterde recepturen ervoor dat de verwerkbaarheid ook bij lagere temperaturen acceptabel bleef. Het materiaal evolueerde van een simpel mengsel naar een high-tech composiet. Tegenwoordig is het de standaard voor daken waar onderhoudsarm resultaat en een lange levensduur boven de initiële materiaalkosten gaan.