De productie van Accoya vindt plaats in een hoogwaardige industriële omgeving waarbij ruwe balken van de Radiata Pine, een snelgroeiende naaldboomsoort, in een grote afgesloten reactorcel worden geplaatst. Het proces start met het creëren van een vacuüm om lucht uit de houtcellen te onttrekken. Hierna wordt de reactor gevuld met azijnzuuranhydride. Onder invloed van verhoogde druk en temperatuur dringt deze vloeistof diep door tot in de kern van het hout.
Geen oppervlakkige behandeling. De kern van de techniek is een chemische verandering op moleculair niveau. In de celwanden vindt een reactie plaats waarbij de vrije hydroxylgroepen, de primaire veroorzakers van vochtabsorptie en biologische afbraak, worden vervangen door stabiele acetylgroepen. Deze groepen komen van nature al in hout voor, maar door de kunstmatige verhoging van de concentratie verliest de celwand zijn vermogen om water te binden. Het hout wordt hierdoor immuun voor de meeste vormen van rot en schimmels.
Na de reactiefase volgt een cruciale extractiestap. Overtollig azijnzuur en azijnzuuranhydride worden onder vacuüm uit het hout getrokken en afgevoerd voor hergebruik in een nagenoeg gesloten systeem. Dit proces herhaalt zich tot het restgehalte aan azijn in de vezels tot een minimum is beperkt. Kwaliteitscontroleurs meten vervolgens de acetylgraad door middel van monstername uit de kern van de behandelde balken. Alleen wanneer de volledige verzadiging is aangetoond, verlaat het hout de faciliteit als gecertificeerd product. Het eindresultaat is een vormstabiel materiaal dat direct gereed is voor verdere machinale bewerking zoals schaven, zagen of profileren.
In de praktijk ontstaat vaak verwarring tussen geacetyleerd hout en thermisch gemodificeerd hout, ook wel bekend als Thermowood. Het verschil is fundamenteel. Thermische modificatie gebruikt hitte om de celstructuur te veranderen. Dit maakt het hout bros. Accoya gebruikt een chemische reactie met azijnzuuranhydride. De sterkte-eigenschappen blijven hierbij veel beter behouden, waardoor Accoya vaker wordt ingezet voor dragende kozijnconstructies waar Thermowood vaker beperkt blijft tot gevelbekleding.
Een andere vergelijking wordt vaak gemaakt met verduurzaamd naaldhout, het bekende 'geïmpregneerde' hout. Waar impregnatie vaak een oppervlaktebehandeling is die de kern ongemoeid laat, is acetylering een proces dat het hout tot in de kern transformeert. Zagen of boren legt bij Accoya geen kwetsbare plekken bloot. De duurzaamheid zit in de vezel zelf, niet in een toegevoegde giftige laag.
Stel je een gitzwarte, modern vormgegeven schuifpui voor in een villa op het zuiden. Bij traditionele houtsoorten zou de verf binnen enkele seizoenen bladderen doordat de zon het hout extreem verhit en laat werken. Bij Accoya blijft de verffilm intact. Het hout beweegt simpelweg te weinig om de laklaag te laten scheuren. De bewoner merkt dat de pui in de heetste zomermaanden net zo soepel schuift als tijdens een vriesnacht in januari.
Langs een kade in een nieuwbouwwijk ligt een vlonderpad. Het hout staat direct bloot aan opspattend water en felle zon. Waar tropisch hardhout na verloop van tijd kan gaan splinteren of kromtrekken, blijven deze planken vlak. Het loopvlak is stroef en veilig. De natuurlijke vergrijzing verloopt egaal; een zilverachtige glans zonder de typische zwarte schimmelvlekken die je vaak ziet bij zachtere houtsoorten in de schaduw.
Architecten kiezen vaak voor dit materiaal bij gevels met een zeer fijn lijnenspel. Verticale latten met minimale tussenruimte. Omdat de krimp en zwel nagenoeg nihil zijn, kan de aannemer werken met krappe toleranties zonder dat de latten elkaar bij vochtig weer raken. Het gevelbeeld blijft strak. Geen kromgetrokken hoeken of uitgescheurde schroeven door interne spanning in de vezels.
In de interieurbouw zie je vaak grote, naadloze deuren van het verwante Tricoya. Een badkamermeubel dat direct naast een inloopdouche hangt. De platen zwellen niet op door de hoge luchtvochtigheid. De afwerking met hoogglans lak blijft spiegelglad, zonder dat de houtnerf na verloop van tijd door de verf heen 'tekent'.
Normen dicteren de grens. Voor de verwerker van geacetyleerd hout is de NEN-EN 350-1 leidend; deze norm classificeert de natuurlijke duurzaamheid van hout en houtachtige producten. Accoya valt hier consistent in duurzaamheidsklasse 1, de hoogst haalbare categorie. Het is geen vrijblijvend advies. Het is de meetlat waarlangs de verwachte levensduur van gevelelementen in contact met grond of water wordt gelegd.
In de Nederlandse bouwpraktijk speelt de KOMO-certificering een centrale rol. Specifiek de beoordelingsrichtlijn BRL 0605 voor gemodificeerd hout borgt dat het productieproces aan strikte technische eisen voldoet. Een aannemer die werkt onder het Bouwbesluit (nu BBL) gebruikt deze certificaten als bewijslast voor de kwaliteitsborging. Geen papierwerk, geen garantie op de prestaties in weer en wind.
Hout moet legaal zijn. De European Timber Regulation (EUTR) verbiedt het op de markt brengen van illegaal gekapt hout op de Europese markt. Omdat de basis voor dit product vaak Radiata Pine uit duurzaam beheerde bossen is, zijn FSC- of PEFC-certificaten de standaard. Dit is niet alleen een esthetische keuze voor de opdrachtgever, maar een wettelijke noodzaak om aan de zorgplicht binnen de keten te voldoen. CE-markering op de pakketten bevestigt daarnaast dat het materiaal voldoet aan de Europese geharmoniseerde normen voor bouwproducten, essentieel voor de handel binnen de EU-grenzen. De milieu-impact wordt steeds vaker getoetst via een Environmental Product Declaration (EPD), die essentieel is voor de berekening van de Milieuprestatie Gebouwen (MPG).
Acetylering is geen nieuwe ontdekking. Al in 1928 experimenteerde de chemicus Fuchs met de chemische modificatie van houtvezels om wateropname te beperken. De theorie klopte. In de jaren 40 en 50 verdiepten onderzoekers in de Verenigde Staten en Europa zich verder in de techniek, gedreven door de zoektocht naar een alternatief voor giftige impregneermiddelen. Toch bleef het decennialang een laboratoriumcuriositeit. De schaalvergroting strandde telkens op technische barrières; azijnzuuranhydride is corrosief en het proces vereist een uiterst precieze beheersing van druk en temperatuur om de kern van het hout te bereiken zonder de structuur te beschadigen.
De omslag kwam in de jaren 90. Het bedrijf dat we nu kennen als Accsys Technologies investeerde in de opschaling van de technologie, waarbij Nederland een hoofdrol opeiste. In 2007 opende in Arnhem de eerste fabriek ter wereld die op commerciële schaal geacetyleerd hout produceerde onder de merknaam Accoya. Dit markeerde een kantelpunt. Waar voorheen tropisch hardhout de enige optie was voor zware buitenomstandigheden, bewees de markt dat een snelgroeiende naaldboom door chemische herprogrammering technisch superieur kon worden. Sindsdien is de focus verschoven van puur wetenschappelijk bewijs naar grootschalige integratie in Europese bouwrichtlijnen. Het is de evolutie van een chemisch experiment naar een constructieve standaard. Een technisch succesverhaal op Nederlandse bodem.
Joostdevree | Nl.wikipedia | En.wikipedia | Portfoliodividendtracker | Boogaerdthout | Wikidata | Accsysplc