De totstandkoming van een rotunda start bij de geometrische uitzetting van een exact nulpunt in het hart van de beoogde ruimte. Geometrie als dwingend kader. Vanuit dit middelpunt wordt de straal uitgezet, een handeling die de basis legt voor de funderingsring die alle verticale belastingen en latere spatkrachten moet verwerken. Tijdens de ruwbouw vorderen de wanden in een continue cirkelbeweging omhoog. Hierbij bepaalt de nauwkeurigheid van de mal of de bekisting de uiteindelijke zuiverheid van de ruimte; er zijn immers geen hoeken om maatafwijkingen in te verbergen.
Zodra de muren de gewenste hoogte bereiken, verschuift de technische focus naar de overspanning van de koepel. Men maakt hierbij vaak gebruik van tijdelijk formeelwerk of ondersteuningsconstructies die de segmenten van de kap dragen totdat de constructie een zelfdragend stadium bereikt. Het sluiten van de cirkel aan de bovenzijde, vaak bekroond met een sluitsteen of een open oculus, activeert de interne drukspanningen die de rotunda haar structurele integriteit verlenen. In de moderne praktijk vangt een stalen trekring dikwijls de zijwaartse druk op de muren op, waardoor de noodzaak voor extreem dikke wanden afneemt. Zo ontstaat een statisch evenwicht waarbij de constructieve logica en de ruimtelijke beleving volledig samenvallen.
Binnen de architectuurgeschiedenis onderscheiden we verschillende archetypen die onder de noemer rotunda vallen, elk met een eigen constructieve logica. De tholos is de meest klassieke variant. Deze Griekse oervorm kenmerkt zich door een massieve ronde wand, oorspronkelijk vaak gebruikt voor religieuze doeleinden of als monumentaal grafmonument. De beslotenheid staat hier centraal. Constructief gezien rust de koepel hier direct op de dragende muren.
Een contrastrijke variant is de monopteros. Hier ontbreken de buitenmuren volledig. Een cirkel van losstaande zuilen draagt het hoofdgestel en de koepel. Het is een open structuur. Deze vorm werd tijdens de renaissance en barok veelvuldig toegepast in de tuinarchitectuur als decoratief rustpunt of uitkijkpost, ook wel een belvédère genoemd. De overspanning is bij een monopteros technisch uitdagender omdat de spatkrachten van de koepel direct op de kapiteelpunten van de kolommen rusten, zonder de stabiliserende massa van een dichte wand.
In de moderne utiliteitsbouw zien we vaak de atrium-rotunda. Dit is een hybride vorm waarbij de cirkelvormige ruimte fungeert als centrale verkeersruimte of verdeelhal binnen een groter, vaak rechthoekig gebouwcomplex. Hier is de rotunda geen vrijstaand object, maar een 'gehakt' volume in de massa. De constructie is hier vaak afhankelijk van een omringend staal- of betonframe dat de ronde wanden stabiliseert.
De term rotunda wordt soms verward met algemene centraalbouw, maar de cirkelvorm is doorslaggevend. Een achthoekige ruimte is officieel geen rotunda, al is de ruimtelijke beleving vergelijkbaar. In de 18e en 19e eeuw ontstond het panopticon als een specifieke functionele variant. Hierbij werd de rotunda-vorm ingezet voor bewakingstaken; vanuit een centraal punt in de cirkel is elke cel of hoek van de ruimte zichtbaar. Architectuur als instrument van controle.
In de Nederlandse taalpraktijk treedt soms verwarring op met de 'rotonde'. Hoewel etymologisch verwant, verwijst een rotonde in de civiele techniek naar een verkeersplein. De rotunda is de bouwkundige term voor de ruimte of het gebouw. In de kerkbouw spreekt men vaak van een koepelzaal wanneer de rotunda de kern van het gebouw vormt, zoals bij de koepelkerken in de protestantse traditie. Vorm volgt de akoestiek. De cirkelvorm elimineert hoeken waarin geluid blijft hangen, al kan het ook zorgen voor ongewenste focuspunten van geluidsreflecties in het midden van de ruimte.
Stel je de entreehal voor van een provinciaal gerechtshof. De bezoeker stapt over de drempel en belandt direct in een perfecte cirkel. Geen hoeken. Geen doodlopende punten. Het oog wordt onvermijdelijk naar het midden getrokken, waar een mozaïek in de vloer het nulpunt van de ruimte markeert. De akoestiek is hier direct merkbaar; een gesprek bij de balie draagt door de holle vorm onverwacht ver door naar de andere zijde van de hal.
In een klassieke universiteitsbibliotheek zie je een andere toepassing. Kamerhoge boekenkasten volgen de kromming van de wanden zonder onderbreking. Een houten balustrade op de eerste verdieping cirkelt mee langs de tienduizenden boekenruggen. Hier is de rotunda de ultieme vorm van overzicht. De afstand van de centrale leestafel naar elk willekeurig vak in de kast is voor de bibliothecaris exact gelijk.
Buiten, op een glooiend landgoed, staat een decoratieve variant. Een monopteros. Zes slanke zuilen dragen een koperen koepeldak dat groen is uitgeslagen. Geen glas, geen deuren. Het is een rustpunt in de zichtlijn van de tuin. De constructie moet hier vooral de winddruk op de open koepel opvangen via de slanke kolomkoppen, een delicaat evenwicht tussen massa en openheid.
In een modern ziekenhuis fungeert de rotunda vaak als het logistieke hart. Het is de plek waar liften en trappenhuizen samenkomen. Door de ronde vorm vloeien de loopstromen van patiënten en personeel op een natuurlijke manier in elkaar over, zonder dat men scherpe bochten hoeft te nemen. Licht stroomt van bovenaf door een groot glazen dakvenster diep het gebouw in.
Regelgeving rondom de rotunda? Complexiteit troef. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL) dicteert de randvoorwaarden voor brandcompartimentering en vluchtwegen, waarbij de grote open volumes van een rotunda vaak extra eisen stellen aan de rook- en warmteafvoerinstallaties (RWA) om de vluchtveiligheid te garanderen. Rook stijgt immers op en verzamelt zich in de koepelnok. NEN 2575 is hierbij leidend. De specifieke akoestische eigenschappen van ronde wanden hebben directe gevolgen voor de STIPA-waarde van ontruimingsinstallaties. Een echo kan de spraakverstaanbaarheid tijdens een calamiteit volledig ruïneren.
Constructieve veiligheid rust op de Eurocodes. Specifiek de NEN-EN 1990-serie voor grondslagen van het ontwerp en de NEN-EN 1992 voor betonconstructies wanneer de koepel in gewapend beton is uitgevoerd. De berekening van de spatkrachten op de ringbalk moet aan strikte normen voldoen. Geen marge voor fouten. Bij historische rotunda’s die als rijksmonument zijn aangemerkt, fungeert de Erfgoedwet als het beperkende kader. Men mag niet zomaar ingrijpen in de schil. Aanpassingen voor moderne klimaatbeheersing of brandveiligheidssensoren vereisen vaak een maatwerkvergunning waarbij de monumentale waarde van de ononderbroken koepelvorm prevaleert boven standaardoplossingen.